Toen Marlie's (65) jongste dochter het huis uitging, merkte ze pas hoeveel van haar leven jarenlang om de zorg voor haar gezin had gedraaid. Ze wilde graag actief blijven, nieuwe mensen ontmoeten en mee blijven doen in de maatschappij. Via vrijwilligerswerk ontdekte ze hoeveel sociale contacten kunnen betekenen — en dat je daar soms ook zelf de eerste stap voor moet zetten.
Mijn jongste dochter ging op een gegeven moment uit huis. Toen veranderde er veel voor mij. Jarenlang was ik vooral druk geweest met de zorg voor mijn twee dochters en daarnaast werkte ik parttime. Ik werkte op allerlei plekken: in de zorg, in het ziekenhuis en in de mode. Mijn leven was altijd vol. Pas toen mijn jongste dochter verhuisde, keek ik om me heen en dacht ik: wat ga ik nu doen?
Tot dat moment had ik eigenlijk niet eens zo in de gaten dat ik weinig sociale contacten had. Natuurlijk sprak ik andere moeders en ging ik mee als er op mijn werk iets werd georganiseerd. Maar bewust tijd maken om met mensen af te spreken? Dat deed ik nauwelijks. Mijn kinderen en mijn werk kwamen altijd op de eerste plaats.
Weer mee willen doen
Ik wilde graag weer aan het werk. Maar rond mijn zestigste bleek dat niet zo gemakkelijk. Dat vond ik moeilijk. Ik had altijd gewerkt en voor mijn kinderen gezorgd. Nu wilde ik nog steeds graag iets betekenen en meedoen in de maatschappij. Het advies was om vrijwilligerswerk te zoeken. Zo kwam ik terecht bij Resto VanHarte.
Toen ik hoorde dat een vrijwilligersdag van twee tot half negen uur duurde, dacht ik eerst: dat is wel heel lang. Maar vanaf de eerste keer merkte ik dat de tijd voorbijvliegt. Je stapt als het ware in een trein en voor je het weet is de avond alweer voorbij. Ondertussen ben je samen bezig en is het gezellig. Het vrijwilligerswerk betekent inmiddels veel voor me. Er wordt naar me geluisterd, ik krijg verantwoordelijkheid en ik voel me gezien en gehoord. Met verschillende vrijwilligers heb ik een goede band opgebouwd. Sommige contacten zijn zelfs uitgegroeid tot vriendschappen.
Van het één kwam het ander
Via Resto VanHarte kwam ik ook terecht bij een andere kookclub en ander vrijwilligerswerk. Inmiddels heb ik, naast het oppassen op mijn kleinkinderen en de mantelzorg voor mijn ouders, een behoorlijk vol programma. Maar het brengt me ontzettend veel. Ik heb nieuwe mensen leren kennen en waardevolle vriendschappen opgebouwd. Wat ik heel bijzonder vind, is dat leeftijd daarbij eigenlijk nauwelijks een rol speelt. Via mijn vrijwilligerswerk leer ik bijvoorbeeld mensen van boven de tachtig kennen. Soms blijken we, ondanks het grote leeftijdsverschil, hetzelfde mee te maken. We herkennen dingen bij elkaar en kunnen ook van elkaar leren.
Zo heb ik eens iemand aangeraden om een hondje te nemen. Dat heeft haar heel goed gedaan. Met een andere vrouw ontstond ook een bijzonder contact. We wisselden kleine attenties uit en zij gaf mij een armbandje, dat ik nog steeds draag. Inmiddels is haar man overleden. Binnenkort ga ik bij haar langs. Dat zijn voor mij waardevolle momenten. Soms zegt iemand na een telefoontje: “Mijn hele dag is weer goed.” Dan ga ik daarna zelf ook met een goed gevoel naar huis.
Een vriendschap vraagt aandacht
Ik heb geleerd dat je zelf moet investeren in sociaal contact. Je kunt niet altijd wachten tot de ander belt of iets voorstelt. Je moet zelf ook actief meedoen: bellen, appen, afspreken en belangstelling tonen. Een vriendin van mij heeft long covid en is daardoor soms vergeetachtig. Zij zal misschien niet altijd zelf contact opnemen. Maar als ik haar bel, voelt het meteen weer als vanouds.
Je moet ook proberen te begrijpen wat er bij de ander speelt. Contact is niet altijd precies in balans. Soms komt het initiatief een tijdje meer van jou. Soms heeft iemand minder ruimte. Dan moet je de situatie kunnen inschatten en iemand ook even met rust kunnen laten. Maar als een contact belangrijk voor je is, moet je het niet zomaar laten verdwijnen.
Iedere vriendschap is anders
Empathie vind ik heel belangrijk. Iedere vriendschap is anders. Met de één kun je uren op pad zijn, met iemand anders drink je af en toe een kop koffie. Met de één voer je heel persoonlijke gesprekken en met een ander blijft het wat luchtiger. Dat is allemaal goed. Je hoeft ook niet op iedere slak zout te leggen. Iedereen doet weleens iets wat een ander misschien vreemd of vervelend vindt. Vriendschap is geven en nemen. Uiteindelijk gaat het om de momenten die je samen deelt en om wat je in elkaar vindt.
En blijf vooral openstaan voor nieuwe mensen. Sommige vrienden komen in je leven en blijven jarenlang. Andere vriendschappen veranderen of verdwijnen weer. Ook daar kun je iets van leren.
Voor mij betekent werken aan mijn sociale gezondheid daarom vooral: open blijven staan voor anderen én zelf in beweging komen. Nieuwe contacten ontstaan niet altijd vanzelf. Maar als je de stap zet om iemand te ontmoeten, iets samen te doen of gewoon eens te bellen, kan daar iets heel waardevols uit groeien.